Interviews
‘Ik wil geen superdienst tegen fraude’
De Standaard, 25/04/2008
Carl Devlies (CD&V), de Staatssecretaris van de Fraudebestrijding wil geen nieuwe dienst met superspeurders. ‘Er zijn genoeg fraudediensten in ons land. Het probleem is dat de neuzen niet in dezelfde richting wijzen’.
Carl Devlies (CD&V), de Staatssecretaris van Fraudebestrijding wil geen nieuwe dienst met superspeurders. 'Er zijn genoeg fraudediensten in ons land. Het probleem is dat de neuzen niet in dezelfde richting wijzen.'
‘Het is niet de bedoeling een heksenjacht te organiseren’
Carl Devlies (55) is een laatbloeier. Hij werd weliswaar al 20 jaar geleden voor het eerst schepen in Leuven, maar uiteindelijk duurde het tot 2003 vooraleer hij in het parlement raakte. Daar ontpopte hij zich samen met Hendrik Bogaert tot gesel van minister van Financiën Didier Reynders (MR). Vandaag zitten Devlies en Reynders samen op de regeringsbanken. Hij blijft bij zijn kritiek. 'Een betere werking van de fiscus is net als de complexiteit van de fiscaliteit de basis van heel wat problemen. Als daar iets aan gedaan wordt, zullen we veel meer middelen kunnen inzetten voor de strijd tegen de fraude.' De CD&V'er zoekt niet spontaan de spotlichten op. Terwijl een van zijn collega-staatssecretarissen al ontslag moest nemen, boog Devlies zich de voorbije weken in alle luwte over zijn dossiers. Vandaag komen zijn eerste dossiers op de ministerraad.
Hoe wilt u de strijd tegen de fiscale en sociale fraude aanpakken?
'Er zijn heel wat ministers betrokken bij die strijd. Als ik zaken wil realiseren, moeten die allemaal samenwerken. Anders zal er niets veranderen. Daarom is het absoluut nodig dat er een zogenaamd ministerieel comité komt. Een structuur waar de ministers van Sociale Zaken, Binnenlandse Zaken, Werk, Financiën, Economie, KMO, Justitie en de premier elkaar regelmatig kunnen ontmoeten om het beleid op elkaar af te stemmen. Als je de fraude globaal wil aanpakken, heb je al die departementen nodig.'
Zal een ministerieel Comité de fraude op het terrein kunnen terugdringen?
'Nee. Daarom gaan we zeven directeurs van cruciale departementen samenbrengen. De topambtenaren die dag in dag uit de fraude- en controlediensten leiden.'
Zagen die mensen elkaar in het verleden niet?
'Niet op een systematische manier. Ik kan het niet genoeg herhalen. Als je de fraude wil aanpakken, heb je een globale aanpak nodig. Vandaag hebben de verschillende diensten vaak verschillende prioriteiten, ondernemen ze tegenstrijdige acties, wordt informatie niet of onvolledig doorgegeven, hebben ze verschillende informaticasystemen en databanken, ...'
Is er geen nood aan een grote superdienst om de fraude te bestrijden?
'Dat denk ik niet. Er bestaan veel diensten, maar die worden niet optimaal gebruikt. In de sociale sector is er nog een zeker overleg. Maar tussen de sociale en fiscale inspectiediensten is dat niet echt het geval. Het is niet de bedoeling een heksenjacht te organiseren. Ik wil ook niet als een big brother het beleid van alle controlediensten overnemen. Maar die diensten moeten wel een gemeenschappelijke strategie krijgen en centraal aangestuurd worden. Dat is mijn job.'
U bent niet alleen bevoegd voor de coördinatie van de fraudebestrijding, maar ook voor een gelijke toepassing van de wetgeving.
'Waarom maakt een bedrijf uit Genk twee keer zoveel kans om een belastingscontroleur over de vloer te krijgen als een bedrijf uit Antwerpen? Elke belastingsbetaler, waar hij ook woont, of het een bedrijf of een particulier is, moet in het hele land op dezelfde manier worden gecontroleerd.' In Vlaanderen wordt vandaag toch meer gecontroleerd dan in Wallonië? 'Dat wordt wel eens gezegd. Mijn voorstel is alles eerst te objectiveren. Daarvoor moet ik over alle cijfers kunnen beschikken. Maar ik weet niet of we Vlaanderen met Wallonië moeten vergelijken. Waarom vergelijken we niet provincie per provincie.'
Die fiscale controles zijn een bevoegdheid van Reynders. Volgens CD&V was dat toch de slechtste minister van Financiën ooit?
'Ik zal ook moeten samenwerken met de ministers van Sociale Zaken, Werk , Economie, ...'
Maar naar die mensen heeft u nooit zo zwaar uitgehaald als naar Reynders?
'Er is een nieuwe meerderheid met een nieuw regeerakkoord. Deze regering heeft andere prioriteiten dan de vorige. Ik ga ervan uit dat iedereen die bij die regering betrokken is zich maximaal zal inzetten om dat programma uit te voeren. Ik zie dan ook niet waarom ik niet zou kunnen samenwerken met de minister van Financiën. We hebben veel gediscussieerd in de kamercommissie Financiën, maar ik heb altijd de bal gespeeld, niet de man. Er is een probleem bij de werking van de fiscus en daar moet nog heel wat werk worden verzet. Maar ik ga ervan uit dat Didier Reynders bereid zal zijn inspanningen te doen en ook resultaten wil boeken.'
Hoe groot is het fraudeprobleem in ons land?
'Dat is moeilijk te schatten. Er is de studie van professor Pacolet uit 1997. Op basis daarvan werd de sociale fraude geraamd op 3 miljard euro. Een studie van het Instituut voor Nationale Rekeningen kwam in 2003 tot 5 à 6 miljard sociale en fiscale fraude. Ik denk dat die schattingen realistisch zijn. Dat is veel geld. Als een deel daarvan in de officiële economie kan terecht komen, kunnen we bijvoorbeeld de belastingen verlagen.'
Veel mensen hebben het gevoel dat de strijd tegen de fraude vooral met mooie woorden wordt gevoerd.
'Er is een fraudeprobleem. Iedereen erkent dat. Er zit gewoon te veel zand in het systeem. Waarschijnlijk heeft dat ook te maken met het feit dat er geen gecoördineerde aanpak is. Niet alleen de fraudediensten, maar ook parket en politie moeten op dezelfde golflengte zitten. Ik heb al heel wat contacten gehad met minister van Justitie Jo Vandeurzen (CD&V). We moeten korter op de bal kunnen spelen. Nu kan het soms lang duren voor men vaststelt dat de situatie in een sector problematisch is. Tijd betekent hier geld. Hoe langer men wacht, hoe meer geld er verloren gaat voor de overheid. Knipperlichten moeten sneller beginnen werken.'
Was u verbaasd dat u staatssecretaris werd. Veel mensen gokten op Hendrik Bogaert?
'Ik weet niet waarom de partij mij gekozen heeft. Zoiets hangt van veel zaken af. Uit welke regio kom je, wat is je specialiteit, ... Ik heb altijd heel goed kunnen samenwerken met Hendrik en zie niet in waarom dat nu zou veranderen. Hij heeft een grote toekomst in de partij.'
Gaat deze regering de rit uitdoen?
'Dat is nog niet duidelijk. We zijn zeker vertrokken met een totaal gebrek aan cohesie. Maar ik heb de indruk dat het langzaam verbetert. Misschien kan dit nog wel een goede regering worden. Het zal niet eenvoudig zijn om een hecht team te maken. Ik heb een deel van de besprekingen op Hertoginnedal meegemaakt en een stuk van de tweede formatieperiode van Leterme. Als ik de sfeer vergelijk met toen, zijn we er toch al een stuk op vooruitgegaan.'
'Juli wordt een belangrijk moment. Dan moet de grote communautaire horde worden genomen. CD&V en N-VA zijn twee verschillende partijen met een gemeenschappelijk communautair programma. Dat willen we uitvoeren. Ik denk dat alle partijen ondertussen beseffen dat er een belangrijke stap moet worden gezet.'
'CD&V heeft de verkiezingen gewonnen. Men verwacht van ons dat we onze verantwoordelijkheid nemen en zoveel mogelijk van ons programma realiseren. De Vlaming weet ook wel dat dat niet evident is. Maar wat de staatshervorming betreft, zullen we consequent blijven. Als het tweede communautaire pakket er niet komt, zal dat gevolgen hebben voor de regering. De splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde is door de Vlamingen in de kamercommissie gestemd. Sommigen doen daar nu minnetjes over, maar dat was een heel belangrijk moment. Komt er de volgende weken en maanden een aanvaardbaar akkoord uit de bus, oké. Komt dat er niet, dan zullen de Vlamingen opnieuw gebruikmaken van hun meerderheid in het parlement.'

















