Bevoegdheden
Met de benoemig van Carl Devlies als staatssecretaris voor de Coördinatie van de fraudebestrijding heeft de huidige regering van meet af aan geopteerd voor een resolute aanpak van de fraude. Het is belangrijk dat het economische spel eerlijk gespeeld wordt en de regels voor iedereen gelijk zijn. Met een gecoördineerde aanpak mikt Carl Devlies op de grote georganiseerde fraude, gepleegd door grote internationale netwerken. Dat soort fraude kan enkel met succes aangepakt worden als alle fraudebestrijdingsdiensten de handen in elkaar slaan.
De staatssecretaris voor de Coördinatie van de fraudebestrijding is toegevoegd aan zowel de eerste minister als de minister van Justitie. Hij heeft een dubbele opdracht:
- Enerzijds dient Carl Devlies in te staan voor een betere coördinatie van de strijd tegen de fiscale en sociale fraude.
Het is en blijft de taak van elke minister om de fraude in zijn bevoegdheidsdomein aan te pakken. De strijd tegen de fiscale fraude is het domein van de minister van Financiën en zijn staatssecretaris. De strijd tegen de fraude in de ziekteverzekering behoort tot de bevoegdheid van de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid ... De rol van staatssecretaris Devlies is een samenwerking tussen al deze ministers te bewerkstelligen en zo te komen tot een coherente, geïntegreerde totaalaanpak van de fraude.
- Anderzijds waakt Carl Devlies over de eenvormige toepassing van de fiscale en sociale wetgeving.
Al jaren circuleren er cijfers die er mogelijk op wijzen dat niet alle Belgen gelijk zijn voor de fiscus en sociale inspectie. Om de discussie te objectiveren, heeft Carl Devlies consultant Deloitte de opdracht gegeven een performantiemeting uit te voeren in alle fiscale en sociale inspectiediensten van de federale overheid.
Bij het vervullen van zijn opdracht wordt de staatssecretaris bijgestaan door een College en een Ministerieel Comité.
- Het College voor de strijd tegen de fiscale en sociale fraude bestaat uit de directeurs van de sociale, fiscale, politie- en gerechtelijke diensten die betrokken zijn bij de strijd tegen de fiscale en sociale fraude.
- Het Ministerieel Comité voor de strijd tegen de fiscale en sociale fraude is samengesteld uit alle regeringsleden die met de strijd tegen de fraude te maken hebben. Meer concreet zijn dat de regeringsleden die bevoegd zijn voor financiën, sociale zaken, binnenlandse zaken, justitie, werk, KMO’s en zelfstandigen, economie, en de coördinatie van de fraudebestrijding. De eerste minister zit het comité voor.
Om de strijd tegen de fiscale en sociale fraude efficiënt te kunnen aanpakken maakt het College jaarlijks een actieplan op.
Het eerste actieplan (2008-2009) vertrok vanuit gegevensuitwisseling als centrale basisvoorwaarde. Het stond een geïntegreerde en gecoördineerde aanpak voor, met aandacht voor zowel preventie en detectie als controle, vervolging en bestraffing. Dit alles, zo was het uitgangspunt, moest gerealiseerd worden zonder nieuwe instellingen op te richten. Het plan streefde naar een maximale betrokkenheid van de bestaande actoren en, waar nodig, naar een aanpassing van de bestaande structuren
Het tweede, nog lopende actieplan (2009-2010) gaat uit van dezelfde methodiek en benadering maar legt hierbij andere klemtonen. Net als bij het eerste actieplan wordt de focus gelegd op gegevensuitwisseling als basisvoorwaarde voor een effectieve fraudebestrijding. Maar terwijl het eerste plan zich beperkte tot het federale niveau, heeft het tweede actieplan ook oog voor de regionale en internationale aspecten en voor de fraude in de gezondheidszorgen.
Hiernaast willen we met het actieplan 2009-2010 kort op de bal spelen en een antwoord bieden op nieuw opduikende fraudefenomenen, zoals het misbruik van identificatienummers, valse E301-formulieren of carrousels met valse sollicitatiebewijzen.
De maatregelen van de actieplannen worden uitgevoerd door projectleiders binnen de betrokken administraties, onder de leiding van een “Program Management Office (PMO)”. Een PMO wordt geleid door een lid van het College en heeft tot doel een bepaalde cluster van projecten tot een goed einde te brengen.
De opvolging van de uitvoering van het actieplan verloopt via een driemaandelijkse rapportering aan het Ministerieel Comité en het Parlement.

